Nederlands leren — voor elke dag.

Voor je dagelijks leven en werk

Nederlands dat je meteen kunt gebruiken.

Een gesprek voeren. Een brief begrijpen. Zelf een bericht schrijven. Wat wil jij makkelijker kunnen?

Bespreek je leerdoel
Je

leerdoel

Wat wil jij makkelijker kunnen?

Een gesprek beginnen

Jezelf voorstellenEen vraag terugstellen

Uitleg begrijpen

Om herhaling vragenDe kern herkennen

Een brief begrijpen

Datum en actie vindenIn eigen woorden vertellen

Iets vragen aan de balie

Je vraag duidelijk stellenHet antwoord volgen

Een kort bericht schrijven

Een afspraak makenEen tijdstip voorstellen

Verstaanbaar spreken

Een zin hardop proberenRustig opnieuw zeggen
Jouw doel is het vertrekpunt

Waar wil jij mee verder?

Van wens naar een duidelijke vraag

Waar begint je met oefenen?

Begin bij jouw situatie

Wil je zelf kunnen bellen, een collega om uitleg vragen of een afspraak verzetten? Kies het moment waarop Nederlands voor jou het verschil maakt.

Vertel wat al lukt

Losse woorden, korte zinnen of al een heel gesprek: je hoeft je niveau niet precies te kennen. Beschrijf waar je verder mee wilt.

Bespreek een volgende stap

Stel je vraag via de contactpagina. Bespreek lesinhoud, lesvorm, beschikbare momenten en prijs voordat je een lesafspraak maakt.

Zinnen om meteen te proberen

Een zin voor elke dag

“Goedemorgen, ik ben … Hoe heet u?” Begin met een korte kennismaking. Voeg daarna een vraag toe, bijvoorbeeld waar iemand vandaan komt. Zo hebt je een klein gesprek om mee te oefenen.

Zelf iets zeggen

Taalvoorbeeld

“Kunt je dat nog een keer zeggen?” U mag om herhaling vragen. Luister eerst naar de belangrijkste informatie: wie, wat, waar en wanneer. U hoeft niet ieder woord meteen te kennen.

Een antwoord begrijpen

Taalvoorbeeld

“Ik kan dinsdag om tien uur. Past dat voor u?” Een duidelijk bericht hoeft niet lang te zijn. Schrijf eerst wat je wilt afspreken en lees je zin daarna rustig terug.

Een bericht schrijven

Taalvoorbeeld